Taktisch bouwspel met een dosis kaartgeluk.
materiaal
1 spelbord, 40 blokken in 4 kleuren, 60 kaarten, 1 fasebord, 1 markeersteen en voor elke speler: 4 spelfiguren en 1 joker in zijn spelerskleur
begin
De 60 kaarten worden geschud en als een gedekte trekstapel neergelegd. Elke speler ontvangt 5 kaarten in zijn hand. Daarnaast ontvangt elke speler 4 spelfiguren en een jokerkaart in zijn spelerskleur.
Het spelbord toont een rooster van 9×9 velden in 4 verschillende kleuren: grijs, wit, zwart en rose. Deze kleuren komen overeen met de kleuren op de kaarten en de blokken.
Op een aantal velden op het spelbord staan 1 of meer stippen. Op deze velden komt een blokkentoren die uit net zoveel blokken bestaat als het aantal stippen op het veld. De kleur van de blokken wordt steeds willekeurig gekozen. Op elke toren komt een puntenfiche, waarvan de waarde overeenkomt met de hoogte van de blokkentoren. Dus een toren van 3 blokken staat op een veld met 3 stippen en krijgt een fiche met 3 punten. Dit is de startopstelling.
verloop
Blox wordt gespeeld over 4 verschillende fasen. In elke fase mogen slechts torens van een bepaalde hoogte worden gebouwd of gepakt. In de eerste fase mogen torens van 1 blok worden gepakt, en torens van 2 blokken worden gebouwd. De eerste fase eindigt als er nog slechts 1 toren met 1 blok op het bord staat.
In zijn beurt kan de speler kiezen uit de volgende acties:
- een nieuw spelfiguur inzetten of een reeds geplaatste figuur bewegen;
- een toren afbreken;
- een toren bouwen;
- een spelfiguur van een medespeler slaan;
- passen of kaarten ruilen.
ad 1: De speler speelt een kaart uit en brengt een nieuw spelfiguur op het bord of beweegt een reeds geplaatste spelfiguur naar het eerstvolgende veld in die kleur. Een nieuw spelfiguur wordt vanaf de rand van het spelbord in een rechte lijn op het eerstvolgende veld in die kleur gezet. De spelfiguur mag hierbij geen spelfiguren of torens passeren en het doelveld moet onbezet zijn.
ad 2: De speler kan een toren afbreken door de juiste kaarten uit zijn hand te spelen: per blok een kaart in dezelfde kleur. Dit kan echter alleen als er tussen zijn spelfiguur en de toren die hij afbreekt, geen veld in die kleur(en) aanwezig is. Ook moeten alle velden tussen spelfiguur en de toren onbezet zijn. De speler ontvangt het puntenfiche en de blokken van de toren.
ad 3: De speler kan een toren bouwen door de juiste kaarten uit zijn hand te spelen: per blok een kaart in dezelfde kleur. De toren wordt gebouwd op het veld waar een eigen spelfiguur staat. De spelfiguur komt terug op voorraad en kan in een volgende beurt weer worden ingezet. Er wordt een puntenfiche uit de voorraad op de gebouwde toren gelegd, waarvan de waarde overeenkomt met de hoogte van de blokkentoren. De speler ontvangt een puntenfiche in die waarde van de voorraad.
ad 4: De speler kan een spelfiguur van een medespeler slaan, door minstens drie kaarten in dezelfde kleur te spelen, als het veld waarop de geslagen spelfiguur staat. Dit kan echter alleen als er tussen zijn spelfiguur en de spelfiguur die hij slaat, geen velden in die kleur aanwezig zijn. De spelfiguur mag bij het slaan geen spelfiguren of torens passeren. De speler ontvangt net zoveel punten uit de voorraad als hij kaarten heeft gespeeld. De medespeler ontvangt zijn spelfiguur terug en kan deze in een volgende beurt weer inzetten.
ad 5: De speler kan ook passen of 1 of meer kaarten ruilen tegen net zoveel kaarten van de trekstapel.
Aan het eind van zijn beurt, vult de speler zijn hand aan tot 5 kaarten. De speler kan in plaats van een kaart uit zijn hand ook een joker spelen. Hij draait daarbij zijn joker om. Deze wordt weer geactiveerd als de speler past of kaarten ruilt.
waardering van andere sites
toelichting: Elke balk geeft de waardering van een site weer. AnderSpel bijvoorbeeld geeft dit spel een 7.In het laatste gekleurde blokje staat dan ook 7. Hoe breder het blokje, hoe meer spellen een 7 hebben. De lege blokjes aan het eind van de balk geven de hoeveelheid spellen aan die een hogere waardering kregen.