materiaal
110 kaarten (onderverdeeld in 84 aktiekaarten, 13 hinderlaagkaarten en 8 opdrachtkaarten), 1 spelbord met loopspoor, 1 sheriff en voor elke speler: 1 spelfiguur in zijn spelerskleur
begin
De hinderlaagkaarten worden geschud en als gedekte trekstapel neergelegd. Ook de aktiekaarten worden geschud en als gedekte trekstapel neergelegd. Elke speler ontvangt 3 aktiekaarten in zijn hand. Elk van de 7 verschillende soorten aktiekaarten toont onderaan een aktie en bovenaan een bijbehorend voorwerp en een waarde. Zo heeft de kaart met de aktie 'beroving' altijd waarde 10 en als voorwerp parels.
De 8 opdrachtkaarten worden open neergelegd. Een opdrachtkaart toont een opdracht en een waarde. Elke opdracht komt twee keer voor.
Elke speler ontvangt een spelfiguur om zijn spelerkleur mee aan te geven. De zwarte spelfiguur is de sheriff. Hij wordt op het startveld van het spelbord geplaatst. Dit stelt het graafschap Nottingham voor.
verloop
Nottingham wordt gespeeld in de richting van de klok. In zijn beurt draait de speler de bovenste aktiekaart open. Hij kan kiezen:
- Aktie uitvoeren: De speler voert de afgebeelde aktie uit. Bijvoorbeeld de aktiekaart 'beroving': de speler bekijkt de handkaarten van een speler naar keuze en kiest één kaart uit en neemt deze in zijn hand. De beroofde speler ontvangt in ruil de opengedraaide aktiekaart.
- Kaart op handen nemen: De speler neemt de opengedraaide aktiekaart op handen. Hij kan deze nu of later omzetten in overwinningspunten.
Vervolgens gaat de beurt naar de volgende speler.
Eenmaal tijdens zijn beurt, mag de speler kaarten uit zijn hand omzetten in overwinningspunten door drie of meer dezelfde voorwerpen uit zijn hand te spelen (bijvoorbeeld: 3 kaarten met parels) of een opdracht van een opdrachtkaart te vervullen (bijvoorbeeld: van elk voorwerp één kaart afleggen). Elke opdracht kan door maximaal twee spelers worden vervuld. Zolang slechts één speler de opdracht heeft vervuld, is de opdrachtkaart meer punten waard dan wanneer twee spelers deze opdracht hebben vervuld. Elke keer als een speler kaarten in overwinningspunten omzet, wordt de sheriff een veld verder geplaatst. Elk veld toont een waarde. Elke speler die nu net zoveel of minder kaarten op handen heeft, ontvangt een aktiekaart van de trekstapel in zijn hand.
Hinderlaag: Een speler draait de aktiekaart 'hinderlaag' open en kiest ervoor de aktie uit te voeren. Hij trekt twee hinderlaagkaarten van de trekstapel en kiest er één uit. De niet-gekozen kaart komt onderop de stapel terug. Hij legt de gekozen hinderlaagkaart gedekt voor zich neer, met de aktiekaart 'hinderlaag' eronder. De hinderlaagkaart kan een kleur van een speler aangeven, of twee voorwerpen.
De speler kan de hinderlaagkaart activeren zodra een medespeler drie of meer kaarten omruilt tegen overwinningspunten. Bijvoorbeeld: de hinderlaagkaart toont parels en edelstenen. De speler kan deze kaart activeren zodra een medespeler drie of meer parels of edelstenen omruilt voor punten. De speler ontvangt één van die kaarten in zijn hand. De medespeler ontvangt de aktiekaart 'hinderlaag', die onder de hinderlaagkaart lag. Als de speler nu minder dan drie parel- of edelsteenkaarten voor zich heeft liggen, kan hij deze niet in punten omzetten. Hij moet de kaarten weer op hand nemen en het later nogmaals proberen.
waardering van andere sites
toelichting: Elke balk geeft de waardering van een site weer. AnderSpel bijvoorbeeld geeft dit spel een 7.In het laatste gekleurde blokje staat dan ook 7. Hoe breder het blokje, hoe meer spellen een 7 hebben. De lege blokjes aan het eind van de balk geven de hoeveelheid spellen aan die een hogere waardering kregen.